Over boogschieten te paard - Introductie

Boogschieten te paard werd in het verleden ingezet in de jacht en was een krijgskunst waarmee razendsnel grote gebieden zijn veroverd. Tegenwoordig is het een uitdagende behendigheidssport. In de submenu’s hierboven kun je er alles over te weten komen. Hieronder volgt een introductie in de verschillende stijlen. Er zijn namelijk tal van manieren waarop deze sport beoefend wordt, ieder met eigen culturele (kleding)voorschriften, gebruiken en regels. De meest beoefende stijlen in Europa zijn de Hongaarse stijl, de Koreaanse stijl en de Poolse track.

Op deze pagina:

Hongaarse track

De Hongaarse stijl is in de jaren tachtig ontwikkeld door de Hongaar Lajos Kassai Hij ontwikkelde een techniek waarbij de pijlen in dezelfde hand als de boog worden gehouden om zo snel mogelijk te kunnen schieten.

Bij een wedstrijd volgens Hongaarse regels is het de uitdaging in galop zo veel mogelijk pijlen te schieten. Hierbij wordt op een baan van 90 meter zo veel mogelijk voorwaarts, zijwaarts en achterwaarts op drie doelen die in het midden op 9 meter van de baan staan geschoten. De tijd telt ook mee in de score.

Dit is een korte uitleg om een eerste indruk te geven, de volledige regels zijn hier (Engels) te lezen.

José trekt de pijlen uit het doelwit in Hongarije

Koreaanse track

Bij deze stijl mogen de pijlen niet in de booghand worden gehouden, maar worden ze getrokken uit een pijlenkoker. De doelen staan verder van elkaar af, vaak op 7 meter afstand van de track. Ook hierbij wordt voorwaarts, zijwaarts en achterwaarts geschoten. Per doel mag maar één pijl worden geschoten en de ruiters hebben minder tijd om door de baan te gaan. Het komt dus meer aan op snelheid en precisie. Als meerdere doelen achter elkaar worden geraakt, worden bonuspunten uitgekeerd.
 
De volledige regels zijn hier (Engels) te lezen.
José nam de pijlen tijdens een Grand Prix in 2017 nog mee in haar laars, tegenwoordig mag dat niet meer

Poolse track

Een Poolse track is een bochtig parcours waar hier en daar doelwitten langs staan opgesteld. De ruiters mogen met een genokte pijl beginnen, maar mogen de overige pijlen niet al in de booghand vast hebben. Deze moeten in een pijlenkoker zitten. Eenmaal in de track mogen de ruiters deze pijlen wel in de booghand nemen.
 
De track is zo gebouwd zijn dat er minstens 30 meter moet zitten tussen het ene schot en het volgende schot. Ook is een van de doelen een neerwaarts schot en een ander doel is een offside schot, wat inhoudt dat de ruiter die zijn boog normaal links van het paard heeft een voorwaarts doel rechts van het paard moet raken. Dat kan door de boog over het paard heen te tillen of door van booghand te wisselen.
 
Soms zit er ook een sprong in de track waarbij de ruiter tegelijk moet schieten. Wel moet er dan een mogelijkheid zijn om een omleiding te nemen waardoor de ruiter het parcours ook kan rijden zonder de sprong te hoeven nemen. Er mogen meerdere pijlen op een doel worden geschoten, maar alleen de hoogst scorende pijl geldt. Deze tracks zijn zeer uitdagend!
 
De volledige regels zijn hier (Engels) te lezen.

Een headcam filmpje van Arno tijdens de Poolse track op het WK van 2018 in Hongarije.

Andere stijlen

Er zijn nog tal van andere stijlen en culturen waarin het boogschieten te paard aan bod komt. Denk bijvoorbeeld aan de Japanse strijdkunst te paard (Yabusame). Uit het Midden-Oosten komt de Qabaq en de Turkse stijl en er worden ook nieuwe tracks verzonnen zoals de Mamluk. Grotere internationale wedstrijden zoals de internationale organisatie IHAA die organiseert bestaan meestal uit drie dagen waarbij Koreaans, Hongaars en Pools ieder één dag aan bod komen.